En hoe ging het nu echt?

Op reis met een peuter van 2 jaar en 4 maanden en een baby van 4 maanden, hoe ging dat nu eigenlijk?

Vliegen

Zowel de heenvlucht als de terugvlucht viel 100% mee wat de kindjes betreft: zowel Isaak als Adriaan zijn heel erg braaf geweest. Maar het moet gezegd, als ouder blijft het een beetje stress. Waar vroeger onze vakantie begon eens we op Zaventem aankwamen begint onze vakantie nu pas eens we op onze bestemming aangekomen zijn. Je bent toch de ganse tijd bezig met de kindjes bezig/stil te houden en als ze bezig of stil zijn blijf je sowieso wakker om een oogje in het zeil te houden. Rustig eten op het viegtuig zit er ook niet meer in, je hebt je handen vol met ervoor te zorgen dat die vliegtuigpotjes niet alle kanten op vliegen. Voorts ben je sowieso van begin tot eind bezig met vakkundig alle blikken van alle mensen rondom u te mijden want werkelijk niemand wilt (begrijpelijk!) naast een gezin met twéé jonge kindjes in het vliegtuig zitten.

  
Camper

De mobilhome (of camperrrrrrrr zoals Isaak het zo mooi zegt) was ideaal in onze situatie. Kinderloos hadden we sowieso voor een tent en good old camping gegaan, maar dat was nu geen optie. De camper was een geweldig alternatief: je staat nog steeds op campings en kan dus kampvuur maken, genieten van de stilte rondom je (enfin ja, als de kindjes stil zijn), genieten van de natuur. Maar je hebt wel altijd een elektrisch vuur voorhanden (om ’s middags patatten te koken), een microgolf (flesje melk ’s ochtends en ’s avonds), een hoop kasten (niet alles altijd uit- en inpakken), een toilet en een douche. Het feit dat Isaak elke dag in hetzelfde bed kon kruipen was ook heel goed, kleine kindjes zijn vaak gewoontediertjes en Isaak is niet anders. Verder hadden ze er voor ons een kinderstoel en maxi-cosi in vastgemaakt wat ideaal was, zo zaten ze altijd en overal veilig vast tijdens het rijden (wat bijvoorbeeld niet evident is als je met het openbaar vervoer rondreist).

  
  

Eten

Adriaan dronk nog bij Kato, dus daar moesten we niet naar om kijken. Zonder kinderen hadden we heel waarschijnlijk veel meer op restaurant gegaan en minder zelf gekookt, maar nu was het wel gemakkelijk dat we konden koken in de camper. We hebben nog nooit zoveel broccoli gegeten op vakantieb (nota: Isaak is dol op broccoli) 🙂 Verder hebben we wel het geluk dat Isaak over het algemeen een gemakkelijke eter is èn altijd stil te krijgen is met ‘Blaze en de monsterwielen’ waardoor we ook af en toe elders konden gaan eten. 

  

Activiteiten

Onze wandelingen waren beperkt: 7 à 8 km was het maximum. Dieter droeg Isaak op z’n rug en Kato Adriaan op de buik. Langer dan 8 km hielden wij het niet vol; Isaak waarschijnlijk wèl want die vroeg eens terug aan de camper regelmatig ‘nog jugzak zitten!‘. En zolang Adriaan dicht bij z’n moeder zit is die ook content dus voor hem hadden de wandelingen gerust ook wat langer mogen duren. 

  
Zonder Isaak en Adriaan hadden we veel langere wandelingen gemaakt, meer de wildernis ingetrokken en gekanood en dat hebben we nu niet kunnen doen – met een beetje pijn in het hart. We wisten echter op voorhand dat reizen met kleine kindjes ook beperkingen met zich mee brengt dus we hadden er reeds op voorhand vrede mee genomen.

De dagen gingen trager vooruit – of misschien net sneller – dan vroeger, tegen dat je ’s ochtends klaar bent met alles en kan vertrekken is het meestal 10.00 of later. Alles duurt langer: wassen, eten, gaan slapen, … maar met een gezonde portie geduld en relativering valt ook dat allemaal wel weer mee.

We zijn erg blij dat we deze reis met ons viertjes gemaakt hebben en kijken uit naar nog meer reizen met ons gezinnetje.

  

Advertenties

Dag 21 – naar huis

We staan op en pakken onze koffers. Isaak wil intussen per sé in de draagrugzak zitten ook al was het nergens voor nodig. Ach ja, als het ventje daar gelukkig van wordt… 

  
We vertellen Isaak dat we de camper terug aan de mijnheer gaan geven en daarna met het vliegtuig naar huis zullen gaan. Even is het vollen bak paniek: Isaak denkt dat hij zijn kleine camper moet afgeven. Na het misverstand opgehelderd te hebben heeft hij er vrede mee dat we de camper terug moeten inleveren.

Samen met nog twee Duitsers die op hetzelfde moment hun camper moesten inleveren worden we naar de luchthaven gebracht. Zowel Adriaan als Isaak zijn heel braaf tijdens de rit naar de luchthaven. Op de luchthaven moeten we nog heel wat tijd doden, maar met het grote speeltapijt daar lukt het wel. Bij de check-in wordt ons deze keer verzekerd dat we een babybedje hebben.

Bij de security was er nog even een crisis toen Isaak zijn tutje en doekje op de band moest leggen ter controle. Hij krijste alles bijeen en liep al huilend de scanner door. Hartbrekend om te zien…. ‘I lost a friend I think’ zei de security-man. Na dit incident was het wachten tot we de vlieger op mochten. Omdat we kleine kindjes hebben mochten we als  de eersten op het vliegtuig…en wordt meteen duidelijk dat we middenin het vliegtuig zitten met mensen voor, achter en naast ons – en waar met geen mogelijkheid een babybedje geplaatst kan worden. We vragen meteen duidelijkheid aan een steward maar die lacht wat minzaam “Ach, bij de check-in zeggen ze zoveel”. We kunnen enkel een babybedje plaatsen indien we wisselen van plaats met de mensen die nu aan de exit zitten – hij zou het navragen voor ons, zei hij. Maar we hebben hem nooit meer teruggezien… en zelf vragen aan mensen om te wisselen van plaats (en hen naar een kleinere plaats sturen) zag ik zelf helemaal niet zitten. Ik heb drie kwartier zitten mokken en zagen tegen Dieter dat Brussels Airlines niet kindvriendelijk is en dat ik zo mijn best gedaan had om een babybedje te regelen voor Adriaan en dat het niet fair was en dat ze niet vriendelijk waren en en en. Uiteindelijk heb ik me er bij neergelegd en stopte ik met mokken. Maar we hebben dus de hele vlucht doorgebracht in een overvol vliegtuig, met buren voor, achter en naast ons en Adriaan op onze schoot.
Gelukkig zijn ze beiden zeer braaf geweest: Isaak heeft geen kik gegeven, en Adriaan heeft enkel in het begin een half uur hard gehuild van vermoeidheid maar sliep daarna de ganse tijd totdat we geland waren.

  
  
Isaak maakte danig misbruik van het feit dat hij alles mocht doen van ons opdat hij maar stil zou zijn en heeft het ene filmpje na het andere gezien en weigerde te slapen. Uiteindelijk viel hij voor zijn schermpje in slaap, maar hij heeft hoop en al slechts anderhalf uur à twee uur geslapen op de ganse vlucht… 

  
In de luchthaven lieten we Isaak de koffers bijeen zoeken en werden we opgehaald door zijn opa en naar huis gebracht.

  
Thuis merkten we wel dat Isaak veel te weinig geslapen had op het vliegtuig: na met z’n allen een lange middagdut gedaan te hebben werd Isaak huilend wakker en was hij niet getroost te krijgen. Hopelijk betert het snel en vinden we snel ons oude ritme terug.

 

Dag 20 – terug naar Toronto

We stonden op en wederom was het pijpenstelen aan het gieten.Het zou de ganse dag door regenen, dus we planden niet veel te doen buiten de lange terugrit richting Toronto. Aangezien onze shopping-honger nog niet volledig gestild was besloten we halverwege in de Vaughan Mills mall te stoppen. Isaak kreeg een pyjama met brandweerwagens op, Dieter een joggingbroek waar hij al dagen om vroeg en Kato een nieuwe lading onderbroeken. Alleen Adriaan viel uit de boot (da’s het lot van een 2de kindje van hetzelfde geslacht).

  
Verder maakten we bijzonder weinig mee vandaag. We slenterden rond in de mall, Isaak keek er zijn ogen uit en maakte plezier met zijn vader en moeder, en Adriaan sliep wederom rustig in zijn draagzak.

We reden door tot aan een camping vlakbij Fraserway, het verhuurbedrijf van de camper, en installeerden ons. De dame van de camping had gezegd dat we achteraan wel wat lawaai zuden kunnen horen, “it’s from the salmon in the river behind the campground”. Wij ons dus installeren achteraan de camping en direct gaan kijken. Het enige geluid dat we hoorden was echter van de snelweg achter de camping en de enige zalm die we gezien hebben was eentje die gestrand was op een zandbankje en heel erg dood was. Voor de rest was het wel een erg mooie camping.

  

Na een kort bezoek aan de Wal-Mart voor wat koekjes en yoghurt voor Isaak en een lading Jelly Beans voor Kato maakten we avondeten en begonnen we onze tassen terug in te laden. Morgenvroeg moeten we de camper terug binnenbrengen en worden we naar de luchthaven gebracht voor de vlucht terug naar huis. De vakantie zit er jammer genoeg bijna op…

Dag 19 – Niagara Falls

Aangezien het ’s nachts was beginnen regenen gieten en we daags te voren heel laat in ons bed lagen bleven we deze ochtend wat langer in ons bed liggen. Isaak sliep tot een uur of 7.30 en hielden we daarna in bed nog wat bezig met ‘Blaze en de monsterwielen’. Om 9.00 was iedereen uiteindelijk vertrekkensklaar en vertrokken we voor een decadent ontbijt in één van de vele IHOPs (‘international house of pancakes’) die we hier gespot hadden. We hadden 5 borden voor ons staan, we lieten ons dus gaan.

 
Het gemakkelijke aan reizen met een baby is overigens dat je die overal gewoon kan wegleggen zodat je je handen vrij hebt.  

Na onze uitspatting waren we heel even aan het twijfelen of we reeds terug richting het vertrekpunt van de reis (Toronto) zouden rijden wegens de hevige regen, of dat we alsnog terug naar de Niagara watervallen zouden gaan om deze nogmaals te bezoeken. We beslisten ons niet gewonnen te geven enkel en alleen door een beetje regen dus we trokken weer richting de watervallen.

We deden eerst The Journey Behind the Falls – een bezoekje aan de gangen die tot achter de watervallen lopen en die tot een platform leiden vlak naast het bulderende water. We waren onder de indruk van de kracht van het water en Isaak was vooral heel erg boos omdat hij een plastic regencape aan moest doen om niet zeiknat te worden. Hij riep de ganse tijd IJAAK NIET AANDOEN. Helaas voor hem, wij wonnen deze strijd.

 
Hierna besloten we ook de beroemde boottocht te doen naar de watervallen. 

  
Isaak was deze keer even enthousiast als ons om op de boot te gaan. Wegens het slechte weer en het einde van het toeristisch seizoen was het ook hier weer zeer rustig. Ik denk dat menig toerist wel droomt van deze wachttijden:  

Zowel Isaak als Adriaan waren intussen beiden in slaap gevallen in hun draagzak. Hier maakten we gebruik van om Isaak wederom een plastic regencape aan te doen, over de de draagrugzak. Gemene ouders die we zijn.  

Toen de boot dicht bij de watervallen was genaderd werd Isaak wakker door het helse kabaal, de vele wind en het ijskoude water dat recht in ons gezicht vloog. Wij waren onder de indruk, maar voor Isaak was het niets. Boot niet leuk, heeft hij de rest van de dag meermaals gezegd… Ach, het ventje zal zich later toch niets van deze reis herinneren, dus dit zal hij ook wel te boven komen.
Na de boottocht waren we allemaal kletsnat, hadden we het koud en was het dus tijd om terug te keren naar de camper. 

Eenmaal aangekomen bij de camper was het weer zo ver: Isaak zijn knuffeldoekje was opnieuw spoorloos. We vroegen hem of hij het ding had laten vallen en hij reageerde uitermate vrolijk ‘Doekje vallen! Achter autootjes!‘. Dieter zuchtte diep, draaide met zijn ogen en zette een sprintje in terwijl Kato Isaak voorzag van droge kleren en Adriaan van melk. Dieter heeft het hele eind terug gelopen tot aan de boot – zonder succes – maar op zijn terugweg naar de camper werd hij aangesproken door een straatveger die vroeg of hij iets zocht omdat Dieter in de vuilbakken aan het kijken was en op zijn knieën onder de auto’s. Daarop haalde de straatveger het oranje lapje uit zijn zakken….. Wederom een groot portie geluk gehad deze dag.

Omdat het nog steeds aan het gieten was en het er naar uit zag dat het dat de rest van de dag zou blijven doen, besloten we de plaatselijke economie wat te steunen en even te gaan shoppen in de outlets van Niagara. Isaak stal er de harten van menig verkoopster door vriendjes te willen worden met elke paspop die hij in de winkel tegenkwam.   Een hoop kleren voor Isaak rijker keerden we terug naar de camping. Ondanks de regen toch een fijne dag gehad!

 Dag 18 – naar Niagara Falls

Deze dag zouden we verder rijden naar Niagara Falls, een dikke 400 km verderop. We maakten ons op ons gemak klaar, lieten Isaak nog wat spelen in de toffe speeltuin van de camping en vertrokken. We passeerden Toronto met een heel klein beetje spijt in het hart, want we hadden besloten hier niet te stoppen met de kindjes en zodoende zouden we deze wereldstad niet te zien krijgen.

We stopten onderwege – zoals we wel al vaker hadden gedaan – in het ongelofelijk populair Tim Hortons voor een koffie (het moet gezegd, de koffie is er goed) en een donut die we stiekem opaten terwijl Adriaan en Isaak sliepen in de auto. Naarmate we Toronto naderden werd het drukker en drukker en iets voorbij Toronto stonden we zelfs een tijdlang volledig stil. Het was broeierig heet in de auto en we vonden het wat jammer dat we op deze uitermate zomerse dag zo lang in de auto moesten zitten. Eenmaal aangekomen in het dorpje Niagara Falls boekten we een nacht op een camping en sprongen we meteen weer de camper in om nog naar de beroemde watervallen te kunnen rijden in dit schitterende weer.

Ik weet niet of het was omdat we er eigenlijk niet veel van verwachtten, omdat we dachten dat iets dat zó toeristisch is (12 miljoen bezoekers per jaar!) wel overschat moét zijn, maar de Niagara watervallen waren een ongelofelijk mooie verrassing: ze zijn ècht prachtig en overweldigend. Het schitterende weer, de zomerse temperaturen en het laagseizoen waardoor er echt ongelofelijk weinig volk was hielpen natuurlijk ook.

   
        
    
 Isaak op zijn beurt was enkel geïnteresseerd in zijn Turkey Bacon Sandwich.

   

En in de roltrap van het Visitor Center.

  
Nadat het donker geworden was kregen we hem eindelijk zo ver om ook eens een blikje te werpen op de watervallen. 

  
Deze werden dan ook prachtig verlicht. We hoorden dat er om 22.00 vuurwerk zou zijn boven de watervallen en in eerste instantie dachten we dat we dit omwille van de kindjes niet zouden kunnen zien. We gingen dus iets eten in jawel, de TGI Fridays die we hier hadden gespot. Diegenen die ons kennen weten dat Dieter en ik elkaar zowat hebben leren kennen in deze Amerikaanse keten en er beiden aan verknocht zijn, dus we waren zeer in onze nopjes. 

  Het stadje Niagara Falls is overigens een overdosis neon, kitsch en neppigheid, maar ik moet toegeven: ik ben wel voor zo’n cheesyness van tijd tot tijd dus ik genoot er wel van om er wat rond te kuieren.

Tegen dat we terug buiten waren van de TGI Fridays was het 21.00 en dachten we dat we even goed konden blijven voor het vuurwerk. Isaak en Adriaan zullen er wel niks aan overhouden dat ze eens een keertje niet op tijd in hun bed lagen. Isaak en Adriaan vielen beiden in slaap voor het vuurwerk, de eerste in de buggy en de tweede in de draagzak. Het vuurwerk was geweldig, wederom ook mede door de prachtige windstille avond en het weinige volk.

   
We reden terug naar de camping en staken de slapende Isaak in bed (hij werd zelfs niet wakker toen we hem omkleedden) en Adriaan viel ook gemakkelijk weer in slaap. Ze voorspelden regen daags nadien dus we waren erg blij dat we nog naar de watervallen getrokken waren deze dag.

Dag 17 – naar Thousand Islands

Om 5.00 deze ochtend nacht begon er eentje FLES MAKEN! te roepen. Dronken van de slaap maanden we Isaak aan om nog wat verder te slapen en dat het veel te vroeg was om melk te drinken. Maar als Isaak melk wilt drinken dan zal Isaak melk drinken. Gelukkig viel hij na zijn fles opnieuw in slaap tot een uur of 8.00. Na ons ontbijt was het tijd om in bad te gaan.

  
Daarna deden we een (mislukte) poging om kaartjes via de Bpost-app te versturen naar het thuisfront (de wifi hier is meestal van zeer slechte kwaliteit) terwijl Isaak fijn in de speeltuin van de camping speelde.

Rond 12.00 zaten we weer in de camper op weg naar de volgende bestemming. We vertrokken voor de lange tocht richting Niagara Falls. Omdat deze te ver is om in één dag te doen planden we een tussenstop in de omgeving van het Thousand Islands National Park.

Rond een uur of 16.00 kwamen we daar aan en namen we een kijkje rond de ingang van het park. Alles potdicht. Het park was gesloten sinds 10 oktober en we waren in mei 2017 terug welkom. Gelukkig betreft het enkel het visitor center en kon je wel op eigen houtje wandelingen doen in het park. Ze waren ook zo vriendelijk geweest om langs de ingang een kaartenhouder te plaatsen met wandelkaarten in zodat je de weg kon vinden. 

We namen een kaart mee en gingen eerst op zoek naar een camping waar we welkom waren. Dit wordt steeds moeilijker gezien het merendeel van de campings rond Thanksgiving (10 oktober) sluiten. Gelukkig hebben we in het begin ergens een accurate campinggids meegekregen waardoor we een camping in de buurt vonden die nog open was.

We reserveerden een plekje en vertrokken meteen terug om wat wandelingen te doen in het Thousand Island National Park. Het waren korte wandelingen maar wederom in een zeer mooi bos. Het was ook uitzonderlijk warm buiten vandaag.  

  
 Terug op de camping lieten we Isaak uit in de speeltuin terwijl de papa fishticks met papatten en bjoccoli maakte in de camper. Daarna was het bedtijd….
…en was Isaaks tut in geen velden en wegen te bekennen. We zochten héél de camper af, keerden alles ondersteboven en binnenstebuiten, maar het ding was nergens te vinden. Dit was al de tweede tut overigens, de eerste waren we al eens eerder kwijt gespeeld. We probeerden Isaak er nog in te luizen door hem een tut van Adriaan te geven, maar hij had het direct in het motje en zei resoluut ‘niet Ajaan tut niet’.

We konden maar één ding bedenken, en dat was dat we de tut van Isaak kwijt gespeeld waren op de parking van waar we de wandeltocht van eerder die dag begonnen waren. Isaak is echter zéér gehecht aan zijn tut en kan onmogelijk inslapen zonder, dus we zagen er niets anders op dan de kinders weer in hun autostoelen te heisen en in het pikkedonker terug te rijden naar de parking terwijl we beiden schietgebedjes deden à volonté in de hoop het ding daar aan te treffen….

En ja hoor:

  
Na dit nachtelijk intermezzo keerden we terug naar de camping en kon iedereen eindelijk gaan slapen… 

Nog enkele kiekjes van deze dag:

 
  
  

Dag 16 – Montréal bis

Vandaag stond een tweede poging Montréal op de planning. De ochtend verliep hetzelfde als daags voordien: opstaan, ons klaarmaken op het gemak, met de camper naar een groot parkeerterrein op linkerroever de Oostenlijke oever van de Saint Lawrence rivier die Montréal begrenst en de metro nemen naar het centrum van de stad. Met slechts één verschil: deze keer onder een stralend zonnetje!
We trokken eerst naar Fairmount Bagel, een bakkerij waar ze sinds 1919 non stop bagels bakken. We kochten er een lading bagels voor onderweg en trokken vervolgens naar Mont Royal. Het was een zeer stevige en lange beklimming naar boven, zeker omdat we de trappen niet konden nemen omdat Isaak in de buggy zat en we hierdoor de volledige weg naar boven moesten nemen. Maar de wandeling was mooi, Mont Royal is een schitterend park en we werden beloond met een prachtig uitzicht over Montréal.
      
     

De middag was intussen gepasseerd dus we gingen op zoek naar een plek om te eten. We kunnen onmogelijk de provincie Québec verlaten zonder een tweede keer poutine gegeten te hebben dus we waren van plan om naar één van de eettenten te gaan waar ze volgens het wereld wijde web één van de beste poutines zouden hebben.

Maar toen maakte Kato een zware inschattingsfout: ze gaf de kaart en haar lot in handen van Dieter. Deze laatste zorgde er voor dat we een omweg maakten van om en bij de 438 kilometer (of zo leek het toch) en gaf uiteindelijk met een diepe zucht de kaart terug ‘ik snap er niks meer van’. Uitgeput, hongerig en een zware relatiecrisis later namen we uiteindelijk de metro en rond 15.00 zaten we eindelijk voor een welverdiend bord poutine (voor de mama en papa), spaghetti (Isaak) en borst (Adriaan).

We namen de metro terug richting het oude centrum en kuierden daar nog wat rond. Er liep beduidend meer volk op straat dan daags voordien. Rond 19.00 waren we beiden moe gewandeld en keerden we met de metro terug naar onze camper. We reden onder luid gekrijs van Adriaan (hij krijst vaker en vaker moord en brand wanneer hij in zijn autostoel zit) terug naar de camping. Isaak viel zoals gewoonlijk weer zeer goed in slaap en alsook Adriaan (al heeft die laatste wel zijn moeder nodig om in slaap te vallen).